Bram maakt bruggen van gerecycled plastic, maar is dat een goed idee?
Gepubliceerd op: 22-08-2021

Bram Peters verwerkt met zijn bedrijf Save Plastics plasticafval tot nieuwe producten. “Bankjes in parken, lichtmasten maar ook hele bruggen en nu zelfs een huis kunnen wij van plasticafval maken.”

De ondernemer kiest er niet zomaar elk type plasticafval voor uit. “Wat wij proberen te doen is onze producten te maken van wat laagwaardig plasticafval wordt genoemd. Dat is plasticafval dat anders niet gerecycled wordt en dus de verbrandingsoven in zou verdwijnen.”

1900 miljoen kilo

Want wie denkt dat al het plasticafval dat ingeleverd wordt inmiddels een nieuwe bestemming krijgt, komt bedrogen uit. “Wanneer je kijkt naar verpakkingsafval, dan wordt zo’n 30 tot 40 procent gerecycled”, aldus Geert Bergsma van CE Delft. “Maar neem je de plastics die nodig zijn voor kozijnen, auto’s, speelgoed en dergelijke mee dan wordt daarvoor slechts 15 procent uit gerecycled materiaal gehaald.”

En dat gaat om grote hoeveelheden plastic. Elk jaar gebruikt Nederland zo’n 1900 miljoen kilo. “Deel je dat door het aantal huishoudens dan kom je dus op zo’n 270 kilo per huishouden”, legt onderzoeker Bergsma uit. “Ongeveer 100 kilo daarvan bestaat uit verpakkingen. Het overige deel is plastic uit dingen als speelgoed, laptops maar ook raamkozijnen en het kunststof in auto’s bijvoorbeeld.”

Laagwaardig en hoogwaardig

Veel van het plastic dat niet gerecycled wordt, verdwijnt uiteindelijk in de verbrandingsoven. Bergsma: “Dat heeft eigenlijk een simpele reden: geld. Voor sommige plasticsoorten vinden bedrijven het simpelweg te duur om ze te hergebruiken. Nieuw plastic is gewoon heel goedkoop.”

In de recyclingindustrie wordt dan ook een onderscheid gemaakt tussen laagwaardig en hoogwaardig plastic. “Dat heeft niet zo zeer te maken met dat het plastic zelf duurder is, maar met hoe makkelijk de stof te hergebruiken is en hoeveel milieuwinst met dat hergebruik wordt gemaakt”, zegt Rob Buurman van Recycling Netwerk Nederland.

Bij hoogwaardig plastic gaat het om plasticproducten die relatief makkelijk weer opnieuw te gebruiken zijn, denk aan shampooflessen en dergelijke. “Die hoef je eigenlijk alleen schoon te maken en dan kun je het weer opnieuw als shampoofles gebruiken.” Hierdoor hoef je minder plastic te produceren voor nieuwe shampooflessen.

Bij laagwaardig plastic is dat een ander verhaal. Dat moet vaak eerst omgesmolten worden voordat het opnieuw kan worden gebruikt. “Vaak gaat het daarbij om plastic materialen zoals folie en plasticzakjes, maar ook verpakkingen of producten die uit verschillende soorten plastic bestaan geldt dit voor.”

Ook met laagwaardig plastic kun je nieuwe dingen maken, maar het gebeurt minder. “Van die zwarte bermpaaltjes zijn vaak van laagwaardig gerecycled plastic en ook bankjes kun je ermee maken, maar de markt is er gewoon kleiner voor. En dus vinden bedrijven het vaak niet de moeite waard om het dure verwerkingsproces te betalen.”

Sympathiek idee, maar is het ook een goed idee?

En dat heeft dus als resultaat dat veel van dat laagwaardige plastic alsnog de oven in gaat. “Dat wilden wij gaan voorkomen”, vertelt Bram Peters. “We zijn juist naar steeds meer mogelijkheden voor dat laagwaardige plastic aan het kijken. En dat doen we dan op zo’n manier dat wanneer het recyclede product ook weer afval wordt, dat opnieuw gerecycled kan worden.”

Een sympathiek initiatief vindt Rob Buurman, toch is het volgens hem niet helemaal de oplossing. “Het is natuurlijk heel mooi dat bedrijven die dit doen dat laagwaardige plastic kunnen hergebruiken, maar we hebben wel wat kanttekeningen.” 

Zo vreest Buurman dat er toch plastic door in de oceaan belandt. “Vaak zijn die herbestemmingen plekken buiten, dan moet het materiaal wel heel goed tegen wind, water, en andere weersomstandigheden kunnen wil er niet toch plastic afbrokkelen en als microplastic in de oceaan belanden.”

Daarnaast ziet de directeur van de milieuorganisatie liever dat gerecycled plastic nieuw plastic vervangt. “Bruggen, huizen en vlonders worden bijvoorbeeld vaak genoeg van andere materialen gemaakt zoals hout of ijzer. Dat zijn prima grondstoffen waarvoor geen fossiele brandstof als olie hoeft te worden gebruikt. De milieuwinst is daardoor veel minder groot. Want het product waar dat plastic eerst in zat wordt gewoon weer opnieuw gemaakt met nieuw plastic.”

Excuus voor slecht gedrag

Buurman vreest dat de goeie initiatieven van bedrijven als Save Plastics uiteindelijk averechts werken. “Niks ten nadele van die goeie initiatieven, want ze proberen mee te werken aan een oplossing. Maar het risico is er dat het eigenlijk een soort aflaten worden, zodat plasticproducenten kunnen doen alsof hun materiaal heel duurzaam is. Zo stimuleer je die producenten niet om hun spullen beter recyclebaar te maken.”

Het mooiste zou het volgens Buurman zijn als er meer regels kwamen voor plasticproducenten. Buurman: “Eigenlijk wil je gewoon dat die producenten veel meer van hun materiaal opnieuw moeten gebruiken. Dan gaan ze er ook beter op letten dat dat kan.”
 

Markt creëren

Bergsma wil die producentenverantwoordelijkheid vooral breder trekken dan nu gebeurt. “Voor verpakkingsplastic komt die verantwoordelijkheid er aan, maar voor al die andere kunststofproducten zoals laptops en het kunststof in je auto is nauwelijks regelgeving. Als je die producenten de opdracht geeft dat er een bepaald percentage gerecycled in moet zitten, creëer je een markt voor het laagwaardige plastic.”

Ook Peters is het daar mee eens. “Onze oplossing is eigenlijk de second best thing. Het mooiste zou zijn als er gewoon minder laagwaardig plastic bestaat. Maar tot die tijd zijn wij een goed alternatief.”

Over het argument van Rob Buurman dat zijn producten toch onbedoeld in de oceaan zouden belanden maakt hij zich minder zorgen. “Wat we maken is goed tegen het buiten zijn bestand en wanneer het versleten is kan het opnieuw gerecycled worden als laagwaardig plastic om weer opnieuw gebruikt te worden.”

Ga naar de bron